|
Volkslied
Vlieland:
Er ligt aan
’t ruwe Noordzeestrand
Beschermd
door duinenrij
Een plekje
grond in omtrek klein
Gering ook
van waardij
Hoe klein het
echter ook mag zijn
Wij houden ’t
hoog in eer
Geen land op
aard’ dat meer bekoort
Geen plekje
boeit er meer
Vlieland,
Vlieland te midden der zee
Voor
Vlieland, voor Vlieland een hiep hiep hiep hoezee
Voor
Vlieland, voor Vlieland een hiep hiep hiep hoezee
Daar speelden
w’ongestoord aan zee
In duinen en
vallei
Daar was een
blijde jeugd ons deel
Van zorg en
kommer vrij
Waar ook het
lot ons hene voert
Oost, west
naar zuid of noord
D’herinnering
aan de plek der jeugd
Leeft in ons
hart steeds voort
Vlieland,
Vlieland te midden der zee
Voor
Vlieland, voor Vlieland een hiep hiep hiep hoezee
Voor
Vlieland, voor Vlieland een hiep hiep hiep hoezee
Ver buiten ’s
werelds wild gewoel
Ontvlucht
door menigeen
Een speelbal
slechts van wind en zee
Ligt ’t
eenzaam oord daarheen
Toch minnen
wij dat plekje grond
Wat ook
gebeuren moog
Zij ’t
anderen vaak tot spot of hoon
Wij houden
Vlieland hoog
Vlieland,
Vlieland te midden der zee
Voor
Vlieland, voor Vlieland een hiep hiep hiep hoezee
Voor
Vlieland, voor Vlieland een hiep hiep hiep hoezee
|